Statuten Dansvereniging Elan - Versie 1. Mei 2013 


INHOUDSOPGAVE 

Artikel 1. Naam en zetel
Artikel 2. Duur
Artikel 3. Doelstelling
Artikel 4. Organen
Artikel 5. Lidmaatschap
Artikel 6. Toelating van leden
Artikel 7. Verplichtingen van de leden
Artikel 8. Einde lidmaatschap
Artikel 9. Donateurs
Artikel 10. Geldmiddelen
Artikel 11. Bestuur
Artikel 12. Bevoegdheden bestuur
Artikel 13. Algemene ledenvergadering
Artikel 14 Commissies
Artikel 15. Bijeenroepen van de algemene vergadering.
Artikel 16. Stemrecht
Artikel 17. Leiding en notulering
Artikel 18. Straffen
Artikel 19. Statutenwijziging
Artikel 20. Fusie
Artikel 21. Beperking tot wijziging
Artikel 22. Ontbinding en vereffening
Artikel 23. Huishoudelijk reglement
Artikel 24. Onvoorziene gevallen


Artikel 1. Naam en zetel

1.       De vereniging draagt de naam Dansvereniging Elan en wordt in de statuten en het huishoudelijk reglement nader aangeduid als de ‘vereniging’.
2.       Zij heeft haar zetel in de gemeente Leerdam.
 

Artikel 2. Duur 

1.       De vereniging is opgericht op 1 mei 2013 en is aangegaan voor onbepaalde tijd
2.       Het boekjaar loopt van 1 september tot en met 31 augustus daaraanvolgend
3.       De vereniging is ingeschreven in het Handelsregister bij de Kamer van Koophandel te Dordrecht onder nummer:
57996350
 

Artikel 3. Doelstelling

1.       De vereniging heeft als doelstelling:

            a.
            het bevorderen en het doen bevorderen van het menselijk bewegen door het beoefenen van dans in welke verschijningsvorm dan ook;
            b.
            het onderhouden en uitbreiden van de kennis en oefening van al het geen op dans betrekking heeft;
            c.
            het bevorderen van het onderlinge contact tussen de leden.

2.            De vereniging tracht haar doelstelling onder meer te bereiken door:

 a.            oefening van de leden te verzorgen;
 b.            organiseren van en deelnemen aan evenementen op het gebied van dans;
 c.            al het overige, niet strijdig zijnde met de wet en de grondslag van de vereniging, te doen dat tot het realiseren van haar doelstelling bevorderlijk kan zijn.
 

Artikel 4. Organen

1.       Organen van de vereniging zijn:

            a.            de algemene ledenvergadering;
            b.            het bestuur;
            c.            commissies die door het bestuur zijn belast met een nader omschreven taak en aan wie daarbij beslissingsbevoegdheid is toegekend. 
 

Artikel 5. Lidmaatschap

1.       De vereniging kent:

            a.            clubleden
            b.            jeugdclubleden
            c.            ereleden
            d.            rustend lid

2.         a.       Clubleden zijn natuurlijke personen die als lid zijn toegelaten en die, bij de aanvang van het boekjaar, de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt.
            b.       Jeugdclubleden zijn natuurlijke personen die als lid zijn toegelaten en die, bij de aanvang van het boekjaar, de leeftijd van 18 jaar nog niet hebben bereikt.
            c.       Ereleden zijn natuurlijke personen die, wegens hun buitengewone verdiensten jegens de vereniging of in het kader van de doelstelling van de vereniging, door de algemene
                      ledenvergadering daartoe benoemt zijn.
            d.       Rustende leden zijn leden die een bijzondere functie binnen de vereniging hebben, en derhalve lid zijn van de vereniging.

3.            Daar waar in de statuten of reglementen voor persoons- en functienamen de mannelijke vorm wordt gebruikt worden daarmede zowel vrouwen als mannen bedoeld.

4.     Daar waar in de statuten of reglementen wordt gesproken van ‘leden’, worden hieronder begrepen de in lid 1. genoemde leden tenzij duidelijk anders is aangegeven.

5.     Het lidmaatschap van leden, als genoemd in lid 1., is persoonlijk en mitsdien niet overdraagbaar noch vatbaar om door erfopvolging te worden verkregen.


Artikel 6. Toelating van Leden

1.       Toelating als clublid of jeugdclublid kan geschieden nadat een schriftelijk verzoek dienaangaande bij het bestuur is ingediend. Het bestuur beslist over de toelating.
Bij niet toelating door het bestuur kan de algemene ledenvergadering alsnog tot toelating besluiten.

2.       Ereleden worden door de algemene ledenvergadering met een meerderheid van tenminste drie vierde van de uitgebrachte geldige stemmen als zodanig benoemd.


Artikel 7. Verplichtingen van de leden

1.       De leden van de vereniging zijn verplicht:

a.            de statuten, het huishoudelijk reglement en de besluiten van de organen van de vereniging na te leven;
b.            het lidmaatschap van de Koninklijke Nederlandse Gymnastiek Unie, hierna te duiden als KNGU en diens rechtsopvolgers te aanvaarden;
c.            de statuten en het huishoudelijk reglement alsmede de besluiten van de organen van de KNGU na te leven;
d.            zich te onthouden van handelingen waardoor de belangen van de vereniging en/of de KNGU kunnen worden geschaad;
e.            alle overige verplichtingen, die uit het lidmaatschap van de vereniging en de KNGU voortvloeien, te aanvaarden en na te komen.

2.       De in lid 1. genoemde verplichtingen gelden tevens voor allen, die in de vereniging een functie -welke dan ook- bekleden.

3.       Behoudens de in de statuten en het huishoudelijk reglement opgenomen verplichtingen kunnen aan de leden slechts verplichtingen worden opgelegd door de algemene ledenvergadering.

4.       Door de vereniging kunnen in naam van de leden geen verplichtingen worden aangegaan, dan nadat het bestuur door de algemene vergadering daartoe is gemachtigd.

5.        a. Binnen één maand nadat hem een besluit, waarbij zijn rechten zijn beperkt of zijn verplichtingen zijn verzwaard, is bekend geworden of is medegedeeld, kan een lid door opzegging
van zijn lidmaatschap de toepasselijkheid van het besluit te zijnen opzichte uitsluiten.

          b. Een lid is niet bevoegd door opzegging van zijn lidmaatschap de toepasselijkheid van een besluit, waarbij de verplichtingen van de leden van geldelijke aard zijn verzwaard,
te zijnen opzichte uit te sluiten.
 

Artikel 8. Einde lidmaatschap

1.       Het lidmaatschap van een clublid, jeugdclublid of rustend lid eindigt door:

a.            de dood van het lid;
b.            opzegging door het lid;
c.            opzegging door de vereniging;
d.            ontzetting (royement).

2.       Het lidmaatschap van een erelid eindigt door:

         a.            de dood van het erelid;
         b.            opzegging door het erelid;
         c.            ontneming van het erelidmaatschap door de algemene vergadering met een meerderheid van tenminste drie vierde van de uitgebrachte geldige stemmen.

3.       Opzegging van het lidmaatschap door het lid kan slechts geschieden tegen het einde van het desbetreffende kwartaal. Zij geschiedt door een schriftelijke kennisgeving, die één maand voor afloop van het desbetreffende kwartaal in het bezit moet zijn van de vereniging. Indien een opzegging niet tijdig heeft plaatsgevonden, loopt het lidmaatschap door tot het einde van het eerstvolgende kwartaal tenzij het bestuur anders besluit of van het lid redelijkerwijs niet kan worden gevergd het lidmaatschap te laten voortduren. Opzegging van het lidmaatschap door een erelid kan op elk moment plaatsvinden, mits deze opzegging schriftelijk geschiedt. 

4.       Onmiddellijke beëindiging van het lidmaatschap door opzegging is voor een lid voorts mogelijk binnen een maand nadat een besluit tot omzetting van de vereniging in een andere rechtsvorm of tot fusie aan hem is medegedeeld.

5.       Opzegging van het lidmaatschap door de vereniging geschiedt door het bestuur met inachtneming van een opzeggingstermijn van tenminste vier weken. Deze opzegging vindt plaats indien het lid, na daartoe bij herhaling schriftelijk te zijn aangemaand, niet ten volle aan zijn geldelijke verplichtingen jegens de vereniging heeft voldaan alsmede indien het lid heeft opgehouden te voldoen aan de vereisten die door de statuten aan het lidmaatschap worden gesteld.

6.       Ontzetting uit het lidmaatschap kan alleen worden uitgesproken indien een lid:

a.            handelt in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging;
b.            de vereniging op onredelijke wijze benadeelt;
c.            door de KNGU uit het clublidmaatschap van de KNGU is ontzet.

          De ontzetting geschiedt door het bestuur. Het betrokken lid wordt ten spoedigste, onder opgave van reden(en) schriftelijk van het besluit, in kennis gesteld.
Betrokkene is bevoegd binnen vier weken na ontvangst van de kennisgeving in beroep te gaan bij de algemene ledenvergadering.
Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst. Het besluit van de algemene ledenvergadering tot ontzetting  moet worden genomen met een
meerderheid van ten minste twee derde van het aantal uitgebrachte geldige stemmen.

7.       Indien het lidmaatschap, ongeacht de reden, in de loop van een kwartaal eindigt, blijft toch de kwartaal bijdrage voor het desbetreffende kwartaal geheel door het lid verschuldigd
tenzij het bestuur anders besluit.

 
Artikel 9. Donateurs

1.       Donateurs zijn natuurlijke personen of rechtspersonen die als zodanig door het bestuur zijn geaccepteerd en die onverplicht de vereniging met een bijdrage steunen.
2.       Acceptatie als donateur kan geschieden door schriftelijke aanmelding bij het bestuur
3.       Het bestuur beslist over de toelating. Aan de toelating verbindt het bestuur een minimum bijdrage.
4.                 Donateurs hebben geen andere rechten en verplichtingen dan die welke hun in of krachtens de statuten en/of reglementen zijn toegekend.

Het donateurschap eindigt door:

a.               de dood, dan wel ophouden te bestaan;
b.               opzegging door de donateur;
c.               opzegging door de vereniging.
 

Artikel 10. Geldmiddelen

1.     De geldmiddelen van de vereniging bestaan uit:

a.            contributies en inschrijfgelden van leden;
b.            bijdragen van donateurs;
c.            inschrijf- en entreegelden ten behoeve van wedstrijden en evenementen;
d.            subsidies;
e.            bijdragen van sponsors;
f.             schenkingen, legaten en andere baten.

2.       De algemene ledenvergadering stelt jaarlijks de contributies vast, die door de verschillende categorieën van leden zijn verschuldigd. De algemene ledenvergadering
stelt tevens het bij toetreding van leden verschuldigde inschrijfgeld vast. Ereleden zijn vrijgesteld van het betalen van contributie.
 
 

Artikel 11. Bestuur

1.       a.       Het bestuur van de vereniging bestaat uit tenminste drie en ten hoogste vijf leden. De algemene ledenvergadering kan op voordracht van het bestuur,
besluiten het aantal bestuursleden voor een bepaalde periode uit te breiden met ten hoogste twee leden. Het bestuur blijft bevoegd gedurende de tijd
dat tenminste drie leden deel uitmaken van het bestuur.

          b.       Bestuursleden dienen meerderjarig te zijn.
De algemene ledenvergadering stelt het aantal bestuursleden vast.
Zij worden na hun benoeming, voor zover dit nog niet het geval is, geacht lid te zijn van de vereniging.
 

2.       a.       Bestuursleden worden door de algemene ledenvergadering uit de gestelde kandidaten benoemd.

          b.       De benoeming van de voorzitter geschiedt in functie. Het bestuur wijst zelf uit zijn midden een secretaris en penningmeester aan.

          c.       Alle clubleden hebben het recht kandidaten te stellen voor het bestuur.
 

3.       a.       Bestuursleden hebben gedurende drie jaren zitting en treden af volgens een op te maken rooster. Dit rooster dient zodanig te worden opgesteld dat voorzitter,
secretaris en penningmeester ieder in een ander jaar aftreden.

          b.       Aftredende bestuursleden zijn terstond her benoembaar .

          c.       In een tussentijdse vacature wordt door het bestuur voorzien tot de eerstvolgende algemene ledenvergadering. Na benoeming door de algemene ledenvergadering
treedt een tussentijds benoemd bestuurslid af op het tijdstip waarop zijn voorganger zou zijn afgetreden.

          d.       Een bestuurslid kan, ook al is hij voor een bepaalde tijd benoemd, te allen tijde door het orgaan dat hem heeft benoemd, worden ontslagen of geschorst.
Voor een dergelijk besluit is een meerderheid vereist van ten minste twee derde van de uitgebrachte geldige stemmen.

e.                  De schorsing van een bestuurslid, die niet binnen drie maanden wordt gevolgd door ontslag, eindigt door verloop van die termijn.
 

4.       Het bestuurslidmaatschap eindigt door:

          a.            de dood van het bestuurslid;
          b.            opzegging door het bestuurslid;
          c.            ontslag door de algemene ledenvergadering;
          d.            het beëindigen van het lidmaatschap van de vereniging.

 

Artikel 12. Bevoegdheden bestuur

1.       Behoudens beperkingen krachtens deze statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging.

2.       De vereniging wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door de voorzitter tezamen met de secretaris of tezamen met de penningmeester dan wel bij afwezigheid
van een van de genoemden tezamen met een ander bestuurslid. 

3.       Het bestuur is bevoegd een derde schriftelijk te machtigen om de vereniging te vertegenwoordigen in de gevallen en onder de voorwaarden, die uit de verstrekte volmacht blijken.

4.       De vertegenwoordigingsbevoegdheid, als bedoeld in lid 2,  kan niet worden beperkt of aan voorwaarden worden gebonden. De vertegenwoordigingsbevoegdheid van personen
aan wie volmacht is verleend kan in die volmacht naar aard en omvang worden beperkt en/of aan voorwaarden worden gebonden.

5.       Personen aan wie op grond van hetzij deze statuten hetzij een volmacht vertegenwoordigingsbevoegdheid is verleend, oefenen die bevoegdheid niet uit dan nadat hiertoe
een bestuursbesluit is genomen, waarbij tot het aangaan van de betreffende rechtshandeling is besloten. 

6.       Voor het aangaan van geldleningen, alsmede voor het kopen, vervreemden en bezwaren van registergoederen, voor oprichting van en deelname aan rechtspersonen,
voor overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich voor de schuld van een derde verbindt,
behoeft het bestuur de voorafgaande goedkeuring van de algemene vergadering.
 

Artikel 13. Algemene ledenvergadering

1.       Binnen zes maanden na afloop van een boekjaar wordt een algemene ledenvergadering gehouden, hierna te noemen jaarvergadering. De datum van deze vergadering
is bepaald in de vorige jaarvergadering.

2.       In deze vergadering brengt het bestuur verslag uit over de gang van zaken in de vereniging en legt het, onder overlegging van een jaarverslag, de balans en de staat van
baten en lasten met een toelichting, rekening en verantwoording af van haar in het afgelopen boekjaar gevoerde beleid. Deze stukken moeten worden ondertekend door
alle bestuursleden. Ontbreekt de ondertekening van een of meer hunner, dan wordt daarvan onder opgave van redenen melding gemaakt.

3.       Goedkeuring door de jaarvergadering van het verslag en de rekening en verantwoording strekt het bestuur tot decharge voor alle handelingen,
voor zover die uit de rekening en verantwoording blijken.

4.       De agenda voor jaarvergadering omvat tenminste de volgende punten:

a)    vaststelling notulen van de vorige jaarvergadering;
b)    vaststelling van het jaarverslag;
c)    verslag van de kascommissie;
d)    vaststelling van de jaarrekening van de vereniging;
e)    vaststelling van de begroting voor het komende boekjaar;
f)    benoeming bestuursleden;
g)    benoeming leden van de kascommissie;
h)    benoeming leden overige commissies;
i)     ingekomen voorstellen
j)     vaststelling datum volgende jaarvergadering.
k)    vaststelling contributie.
l)     jubilea leden

5.       De jaarvergadering benoemt jaarlijks een kascommissie bestaande uit drie clubleden en/of de wettelijke vertegenwoordigers van jeugdclubleden.
Een lid daarvan fungeert als reservelid. Zij mogen geen deel uitmaken van het bestuur. Aftredende kascommissieleden zijn ten hoogste twee keer achtereen
terstond herbenoembaar. De kascommissie is belast met de controle van het toezicht op het geldelijk beheer van het bestuur.

6.       De kascommissie heeft te allen tijde het recht de boeken en bescheiden van de vereniging te controleren.
Het bestuur is verplicht aan de kascommissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden der vereniging te tonen
en inzage van de boeken en bescheiden van de vereniging te geven. De kascommissie kan, indien haar onderzoek bijzondere boekhoudkundige kennis vereist zich voor rekening
van de vereniging door een deskundige doen bijstaan. De kascommissie overlegt vooraf met het bestuur over de daaraan verbonden kosten.
Bereiken zij daarover geen overeenstemming dan beslist de jaarvergadering.

7.       De kascommissie is verplicht de controle ten minste eenmaal per jaar uit te voeren en wel  vóór de jaarlijkse jaarvergadering. De penningmeester is gehouden
de kascommissie daartoe tijdig uit te nodigen. De kascommissie brengt in de jaarvergadering verslag uit van haar bevindingen.

8.       De algemene ledenvergadering neemt al die besluiten, die nuttig of nodig worden geacht voor een goed functioneren van de vereniging.
 

Artikel 14. Commissies

1.       Het bestuur en de algemene ledenvergadering zijn bevoegd permanente en tijdelijke commissies in te stellen en de leden van die commissies te benoemen, te schorsen en te ontslaan.

Een commissie ontvangt haar taakomschrijving van hen, die haar opdracht hebben gegeven. De commissie brengt schriftelijk verslag uit aan haar opdrachtgever op een door laatstgenoemde te bepalen wijze, met inachtneming van de richtlijnen die haar zijn verstrekt.

2.       Tenzij de samenstelling, taken en bevoegdheden van een commissie in de statuten of het huishoudelijk reglement zijn geregeld, worden deze vastgesteld door het orgaan dat de commissie heeft ingesteld.

3.       Een commissie is verantwoording verschuldigd aan het orgaan dat haar heeft ingesteld.
  

Artikel 15. Bijeenroepen van de algemene vergadering

1.       De algemene ledenvergadering wordt bijeengeroepen door het bestuur, met inachtneming van een termijn van vier weken. De bijeenroeping geschiedt door een
aan alle leden te zenden schriftelijke mededeling of op een andere daartoe geschikte wijze.

2.       Behalve de in artikel 13. bedoelde jaarvergadering worden algemene ledenvergaderingen  gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk acht alsmede zo dikwijls dit schriftelijk,
met opgave van de te behandelen onderwerpen, wordt verzocht door ten minste een zodanig aantal leden, als bevoegd tot het uitbrengen van een tiende gedeelte van de
stemmen in de algemene ledenvergadering.

3.       Na ontvangst van een verzoek, als bedoeld in lid 2., is het bestuur verplicht tot bijeenroeping van een algemene ledenvergadering op een termijn van niet langer dan vier weken.
Indien aan het verzoek tot bijeenroeping binnen veertien dagen nadat dit door het bestuur werd ontvangen, geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan op de wijze waarop het bestuur de algemene ledenvergadering bijeenroept.

 

Artikel 16. Stemrecht

1.       De clubleden hebben toegang tot de algemene vergadering. Zij hebben daar ieder één stem. De wettelijke vertegenwoordigers van het jeugdclubleden hebben toegang tot de algemene ledenvergadering. Eén wettelijke vertegenwoordiger heeft daar, ongeacht het aantal jeugdclubleden dat hij vertegenwoordigt, één stem.

2.       Het stemrecht kan uitsluitend worden uitgeoefend door de aanwezigen op de vergadering. Het is niet mogelijk dat een stemgerechtigde, als genoemd in lid 1., een andere stemgerechtigde volmacht verleent tot het uitbrengen van zijn stem.

3.       Stemming over zaken geschiedt mondeling. Stemming over personen geschiedt schriftelijk tenzij de vergadering tot een andere wijze van stemmen besluit.

4.       Bij stemming over personen is degene benoemd, die de meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen op zich heeft verenigd. Indien niemand de meerderheid heeft verkregen, wordt een tweede stemming gehouden tussen de personen, die het hoogste aantal van de uitgebrachte geldige stemmen hebben verkregen en is hij benoemd, die bij de tweede stemming de meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen op zich heeft verenigd. Indien bij de tweede stemming de stemmen staken, beslist het lot.

5.       Over alle voorstellen betreffende zaken wordt beslist bij gewone meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen, voor zover de statuten niet anders bepalen. Bij het staken van de stemmen wordt een voorstel geacht te zijn verworpen.

6.       Een clublid of wettelijke vertegenwoordiger van een jeugdclublid heeft geen stemrecht over zaken die hem, zijn partner of een van zijn bloed- of aanverwanten in de rechte lijn betreffen.
 

Artikel 17. Leiding en notulering 

1.       De voorzitter leidt de bestuursvergaderingen en de algemene ledenvergadering. Bij zijn afwezigheid of ontstentenis leidt één van de andere bestuursleden de vergadering.

2.       Van de op de bestuursvergadering behandelde agendapunten worden door de secretaris of een ander bestuurslid notulen gehouden.

3.       Van de op de algemene ledenvergadering behandelde agendapunten worden door de secretaris of een door de voorzitter aangewezen clublid notulen gehouden.
 

Artikel 18. Straffen

1.       Het bestuur kan, bij overtreding van deze statuten en/of het huishoudelijk reglement dan wel in gevallen van gebleken verwaarlozing van de belangen van de vereniging
en/of het niet nakomen van enige verplichting jegens de vereniging, de navolgende straffen opleggen:
a.            berisping;
b.            ontzegging van het recht om aan een of meer evenementen en/of wedstrijden van de vereniging deel te nemen
c.            schorsing;
d.            ontzetting uit het lidmaatschap (royement).

2.       Met uitzondering van de straf van berisping kan de opgelegde straf worden gepubliceerd in het verenigingsorgaan.

3.       Tegen een strafmaatregel staat binnen een termijn van vier weken na dagtekening van het besluit beroep open op de algemene vergadering.
Van de uitspraak van de algemene vergadering is beroep mogelijk bij de KNGU.
Het instellen van een beroep heeft geen schorsende werking.
 

Artikel 19. Statutenwijziging

1.       Wijziging van de statuten kan slechts plaatsvinden na een besluit van de algemene ledenvergadering, waartoe werd opgeroepen met de mededeling dat daarin een
wijziging van de statuten wordt voorgesteld. De oproeping voor deze vergadering dient tenminste vier weken van tevoren worden gedaan.

2.       Indien de oproeping tot de algemene ledenvergadering ter behandeling van een voorstel tot wijziging van de statuten is gedaan, zal het voorstel waarin de voorgestelde
wijziging is opgenomen tenminste vijf dagen voor de dag van de vergadering tot na afloop van de dag waarop de algemene ledenvergadering wordt gehouden,
op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage worden gelegd. Op verzoek van een lid zal een afschrift van dit voorstel worden toegestuurd.

3.       Tot wijziging van de statuten kan slechts worden besloten door een algemene ledenvergadering met een meerderheid van tenminste twee derde van het aantal uitgebrachte geldige stemmen.

4.       Het in dit artikel bepaalde is niet van toepassing indien op de algemene ledenvergadering alle stemgerechtigde leden aanwezig zijn en het besluit tot wijziging van de statuten
met algemene stemmen wordt genomen. 

5.       De statuten en de daarop gebaseerde regelingen mogen geen bepalingen bevatten die strijdig zijn met de statuten en het huishoudelijk reglement van de KNGU.
 

Artikel 20. Fusie

1.       Voor een besluit tot fusie met een andere vereniging is het bepaalde in artikel 19 de leden 1, 2 en 3, van overeenkomstige toepassing.

2.       Bij de oproeping voor de in dit artikel bedoelde vergadering moet worden medegedeeld, dat in de vergadering zal worden voorgesteld een fusie aan te gaan met een of
meer met name genoemde andere verenigingen. De termijn van oproeping tot een zodanige vergadering moet tenminste veertien dagen bedragen.

 

Artikel 21. Beperking tot wijziging

Een bepaling van deze statuten, die de bevoegdheid tot wijziging van één of meer andere bepalingen beperkt, kan slechts worden gewijzigd met inachtneming van gelijke beperking.
 

Artikel 22. Ontbinding en vereffening

1.       Behoudens het bepaalde in artikel 2.19 tot en met 2.21 van het Burgerlijk Wetboek 2 wordt de vereniging ontbonden door een besluit daartoe van de algemene ledenvergadering.
In deze vergadering dient tenminste drie vierde van de stemgerechtigde leden aanwezig te zijn (quorum). Het besluit moet worden genomen met tenminste twee derde van
het aantal uitgebrachte geldige stemmen. 

2.       Bij gebreke van het quorum kan, ongeacht het aantal ter algemene ledenvergadering aanwezige leden, tot ontbinding worden besloten op een volgende, tenminste acht doch
uiterlijk dertig dagen na de eerste, te houden algemene ledenvergadering. Het besluit moet worden genomen met een meerderheid van twee derde van het aantal uitgebrachte
geldige stemmen.

3.       Bij de oproeping tot de in de leden 1. en 2. van dit artikel bedoelde vergaderingen moet worden medegedeeld dat op deze vergadering wordt voorgesteld de vereniging te ontbinden.
De termijn voor oproeping tot zodanige vergaderingen moet tenminste veertien dagen bedragen.

4.       Indien bij een besluit tot ontbinding geen vereffenaars zijn aangewezen, geschiedt de vereffening door het bestuur. 

5.       Een eventueel batig saldo wordt aangewend voor door de algemene ledenvergadering te bepalen doeleinden, die het meest met het doel van de vereniging overeenstemmen.

6.       Na de ontbinding blijft de vereniging voortbestaan voor zover dit voor de vereffening van haar vermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de statuten en reglementen voor zover mogelijk van kracht. In stukken en aankondigingen die van de vereniging uitgaan, moet aan haar naam worden toegevoegd de woorden ‘in liquidatie’.
 

Artikel 23. Huishoudelijk reglement

1.       De algemene ledenvergadering kan door middel van een huishoudelijk reglement nadere regels geven omtrent het lidmaatschap, de introductie, het bedrag van de contributies en inschrijfgelden, de werkzaamheden van het bestuur, de vergaderingen, de wijze van uitoefening van het stemrecht en alle andere verdere onderwerpen, waarvan de regeling
haar gewenst voorkomt, bijvoorbeeld het beheer en gebruik van de accommodatie van de vereniging.

2.       Een wijziging van het huishoudelijk reglement kan geschieden door een besluit van de algemene ledenvergadering. Deze wijziging kan worden voorgesteld door het bestuur of door
middel van een schriftelijk verzoek door tenminste een/tiende gedeelte van het aantal stemgerechtigde leden van de vereniging.

3.       Het huishoudelijk reglement mag geen bepalingen bevatten die afwijken van of in strijd zijn met de bepalingen van de wet of van de statuten tenzij de afwijking door de wet of
de statuten wordt toegestaan.
 

Artikel 24. Onvoorziene gevallen

In gevallen waarin noch de statuten noch het huishoudelijk reglement voorzien, neemt het bestuur een voorlopige beslissing. Deze beslissing is van kracht tot de eerstvolgende algemene ledenvergadering, waarin het bestuur de desbetreffende zaak als agendapunt opneemt, daarover een besluit neemt.